Sinds 1 mei 2026 verving de nieuwe btw-provisierekening de vertrouwde btw-rekening-courant. Dit is een digitale rekening bij de FOD Financiën waarop uw verschuldigde en terug te vorderen btw automatisch wordt verrekend. De btw-aangiften van april 2026 (maandaangevers) en het tweede kwartaal 2026 (kwartaalaangevers) waren de eerste die op deze nieuwe rekening terechtkwamen.
Alles beheren via één centraal platform: MyMinfin.
De zomervakantieregeling en het weekend-/feestdaguitstel voor kwartaalaangevers zijn afgeschaft: de deadline blijft steeds de 25ste, ook als die in het weekend valt.
Er is één nieuw hoofdrekeningnummer voor btw-betalingen: BE41 6792 0036 4210. Uw oude rekening-courant blijft nog actief tot 31 december 2026; betalingen die u daar per vergissing nog op doet, worden tot dan automatisch doorgestort naar het nieuwe nummer. Toch raden we aan om vanaf nu meteen het nieuwe nummer te gebruiken, want hoe snel die doorstorting in de praktijk verloopt, is niet gegarandeerd.
Een tegoed terugvragen via uw periodieke aangifte kan voortaan enkel voor het bedrag in rooster 72 van die specifieke aangifte; het volledige beschikbare tegoed op de provisierekening kan u wel nog apart terugvragen via MyMinfin.
Nieuw: de versnelde maandelijkse teruggaaf is niet langer een aparte vergunning die u moet aanvragen. Ze geldt voortaan automatisch voor alle maandaangevers, mits u de aangiften van de voorbije 6 maanden tijdig indiende en uw tegoed minstens €50 bedraagt. Bovendien wordt de terugbetalingstermijn verkort van 3 naar 2 maanden.
Nieuw: btw-schulden betalen kan voortaan ook via domiciliëring, een vrijwillige optie die het risico op een laattijdige betaling per ongeluk verkleint.
Stond er op 30 april 2026 nog een tegoed op uw oude rekening-courant? Als al uw aangiften op dat moment ingediend waren, ging dat tegoed automatisch over naar uw nieuwe provisierekening. Ontbrak er nog een aangifte, dan kreeg u enkele weken om deze alsnog in te dienen vooraleer het tegoed verder verwerkt werd.
Let op: elk tegoed dat op de provisierekening belandt, leidt automatisch tot een btw-controle. Zijn er ernstige vermoedens van onjuistheden, dan kan de administratie het tegoed inhouden.
Tot slot hanteert de administratie sinds deze hervorming een concreet sanctiebeleid: een boete van 5% bij louter laattijdige betaling, oplopend tot 10 à 15% bij een combinatie van laattijdig indienen én betalen. Dient u drie maanden na het einde van de aangifteperiode nog steeds geen aangifte in, dan stelt de administratie zelf een 'vervangende aangifte' op — gebaseerd op het hoogste btw-bedrag van de voorbije 12 maanden, met een minimum van €2.100 — aangevuld met een boete van 15%. Op een schriftelijke vraag om inlichtingen moet u voortaan binnen de maand antwoorden, of zelfs binnen de 10 dagen als de rechten van de schatkist in gevaar zijn.
Heeft uw vennootschap liquidatiereserves aangelegd? Let dan op: de spelregels zijn recent tweemaal gewijzigd. Voor liquidatiereserves aangelegd in een boekjaar dat eindigt op of na 31 december 2025 geldt een wachttermijn van 3 jaar. Wordt binnen die termijn uitgekeerd, dan betaalt u 30% roerende voorheffing; wacht u de 3 jaar af, dan gold aanvankelijk een tarief van 6,5%, maar dat tarief werd door de nieuwe Programmawet met ingang van 1 juli 2026 verhoogd naar 9,8%.
Liquidatiereserve aangelegd in boekjaar dat eindigt:
Op of vóór 30/12/2025:
Uitkering vóór wachttermijn: 20% RV (< 3 jaar)
Uitkering ná wachttermijn: 6,5% RV (3-5 jaar) / 5% (> 5 jaar)
Op of na 31/12/2025:
Uitkering vóór wachttermijn: 30% RV (< 3 jaar)
Uitkering ná wachttermijn: 9,8% RV (> 3 jaar, was 6,5%)
Ook voor VVPRbis-dividenden stijgt de roerende voorheffing van 15% naar 18%, eveneens vanaf 1 juli 2026 — dividenden die u uiterlijk 30 juni 2026 uitkeerde, genoten nog van het oude tarief van 15%.
Tot slot voert de wetgever ook een antimisbruikbepaling in tegen ondernemers die hun vennootschap vereffenen om de liquidatiereserve voordelig uit te keren en nadien dezelfde activiteit in een nieuwe vennootschap verderzetten binnen de 3 jaar; in dat geval kan de reserve alsnog belast worden als gewoon roerend inkomen. Heeft u nog een liquidatiereserve klaarstaan die de wachttermijn recent bereikte? Overleg met ons of vervroegd of net uitgesteld uitkeren fiscaal nog interessant is.
Verkoopt u als Belgische onderneming goederen of bepaalde diensten aan particulieren in andere EU-landen (webshop, foodtruck, evenementen in het buitenland...)? Dan kan de One Stop Shop (OSS) u veel administratie besparen. Via de OSS-aangifte in België draagt u de buitenlandse btw af zonder dat u zich in elk EU-land afzonderlijk moet registreren.
Vanaf een gezamenlijke omzet van €10.000 aan particuliere verkopen/TBE-diensten in de hele EU bent u verplicht buitenlandse btw aan te rekenen.
Voor de meeste andere diensten aan particulieren (bv. cateringdiensten, werk in onroerende staat, culturele activiteiten) is er geen drempel: u bent vanaf de eerste euro btw verschuldigd in het land waar de dienst plaatsvindt.
De OSS-aangifte wordt per kwartaal ingediend, uiterlijk op het einde van de maand die volgt op het kwartaal.
Let op: de OSS-regeling geldt enkel voor verkopen aan particulieren, niet aan buitenlandse ondernemingen — voor B2B-verkopen in het buitenland blijft een lokale btw-registratie soms nodig.
Twijfelt u of u OSS moet (of kan) toepassen voor uw internationale verkopen? Wij helpen u graag met de registratie en de kwartaalaangiften.
Sinds 1 januari 2026 mag de tussenkomst van de werkgever in een elektronische maaltijdcheque hoger liggen: het fiscaal vrijgestelde maximum steeg van €6,91 naar €8,91 per cheque. Samen met de minimale eigen bijdrage van de werknemer (€1,09, ongewijzigd) komt de totale waarde van een maaltijdcheque daarmee op maximaal €10.
De verhoging is niet automatisch: ze moet worden vastgelegd in een cao (sectoraal of op ondernemingsvlak) of, bij ontstentenis daarvan, in een geschreven individuele overeenkomst.
Ook de fiscaal aftrekbare beroepskost voor de werkgever stijgt: van €2 naar €4 per cheque, maar enkel wanneer de werkgeverstussenkomst het nieuwe maximum van €8,91 bereikt. Blijft u onder dat maximum, dan blijft de aftrekbare kost beperkt tot €2.
De regeling geldt voor maaltijdcheques toegekend vanaf 1 januari 2026.
Overweegt u als werkgever om de maaltijdcheques te verhogen? Wij rekenen graag de budgettaire impact voor u door, en helpen u met de aanpassing van de arbeidsovereenkomst of het ondernemings-cao.
Heeft u vragen over een van deze topics of wilt u dat wij dit voor uw onderneming concreet nakijken? Neem gerust contact op met uw dossierbeheerder bij Accto.
Samen met u gaan we voor het beste.